Project Elikya van Bernadette Broeckx

Bernadette Broeckx

Reis even mee…

We komen de Democratische Republiek Congo langs het noorden binnen. We steken de stroom Bomu over, die de grens met de Centraal Afrikaanse Republiek markeert. Dan volgen we ee weg doorheen het tropisch woud, via dertig bruggen van enorme boomstammen over riviertjes die in de dichte vegetatie verdwijnen. 200 zware kiloimeters en 8 uur later, kamen we aan in Bondo, een agglomeratie van 20.000 inwoners, omgeven door een dicht woud. Bondo Betekent voor vele Congolezen een toeverlaat in tijden van nood.

De bevolking doet aan overlevingslandbouw: de overschotten kunnen niet vervoerd worden door gebrek aan wegen en transportmiddelen.

Er is dus weinig geld in omloop, en dit heeft vooral zijn weerslag op de volksgezondheid en het onderwijs. Door de politieke chaos wordt het medisch en onderwijzend personeel reeds vele jaren niet meer betaald, waardoor vele mensen sterven door gebrek aan zorgen en de graad van analfabetisme zeer hoog is. Bovendien is naar schatting 17 % van de bevolking besmet met het aids virus.

In een land dat door de verschillende oorlogen volledig ontwricht is, en dat gebukt gaat onder een steeds toenemende armoede, zijn het de meest kwetsbare mensen die het eerst uit de boot vallen: mentaal gehandicapten, epileptici, blinden, aids-lijders, bejaarden, kinderen…

Dit Congo is slechts een schim van wat het ooit geweest is en zou moeten zijn. Of het nu Mobutu, Kabila of Bemba is, het maakt voor de inwoners niet zoveel uit. Er is toch geen staat die de mensen beschermt.

Het bisdom Bondo is zo uitgestrekt als de Benelux. Een kleine helft van de inwoners is katholiek, verspreid over 11 parochies die elk gemiddeld 50 dorpen groeperen.

Het dorp van de hoop

In een maatschappij waar er voortdurend tekort is aan alles, is er nog maar weinig ruimte voor solidariteit. Waar vroeger solidariteit en de familiebanden belangrijk waren, is nu de eerste opdracht overleven, en zijn onproductieve mensen net iets te veel.

In 1992 kwam bisschop Philippe Nkiere Kena vanuit Kinshasa in het bisdom Bondo terecht. Philippe Nkiere is medeoprichter van “Ekolo ya Bondeko”, een nieuwe, christelijke gemeenschap, die zich al doel stelt :”een Volk van Broederlijkheid” op te bouwen, bondgenoot te worden van verworpenen

In Bondo krijgen deze doelstellingen concreet vorm in het “Centre Elikya”.

Dit is een centrum waar mensen worden opgenomen die door hun sociale omgeving verworpen werden. De allerarmsten zijn de uitgestotenen, mensen die in geen enkel netwerk van sociale relaties zijn opgenomen. In het “Centre Elikya” probeert men deze mensen een nieuw leven te geven in een nieuwe familie.

Aanvankelijk bestond het “Centrum van de Hoop” uit een waterput en enkele hutten.

Samen hebben ze eenvoudige huisjes gebouwd. Ze leven er samen en één keer per dag eten ze er ook samen.

Momenteel worden er een vijftigtal mensen opgevangen: epileptici, blinden, mentaal gehandicapten en bejaarden. Maar het centrum speelt ook de rol van dienstencentrum voor mensen die nog onafhankelijk zijn, en enkel occasioneel hulp nodig hebben. Zo vormt het centrum een hechte gemeenschap, waar ieder zijn eigen verantwoordelijkheid heeft.

Het centrum is omgeven door velden waar maniok wordt verbouwd. Een zeepatelier voorziet in de eigen behoeften en zou een bron van inkomsten kunnen zijn. Maar de koopkracht van de bevolking is echter zo achteruit gegaan, dat de zeep niet gekocht wordt.

Daarom is er het nieuwe initiatief van een naaiatelier tot stand gekomen. Er werd een echte couturier aangenomen om les te geven aan drie jongeren die misschien hierin een broodwinning kunnen vinden. Tot nu toe worden er enkel kleren gemaakt voor de mensen uit het centrum. De bedoeling is om later eenvoudige kleren te maken voor kinderen, want die zijn er niet op de markt.

Voor ouders is kledij kopen voor kinderen die naar schol gaan een zware kost, en dikwijls de reden om ze dan maar niet naar school te sturen.

Af en toe komen er ook jonge mensen naar het centrum. Ze komen om er te sterven. Op 70 km van Bondo ligt een goudmijn en veel jongeren werken daar als goudzoekers. Het is echte slavenarbeid. Het harde werk en het weinige voedsel dat ze daar te pakken kunnen krijgen verzwakt hen in een mum van tijd. Die plaats is een echte haard van ziekten: aids, tuberculose, malaria…

Er dringt zich een nieuwe nood op: opvang van kleine kindjes van enkel maanden of soms weken. Meestal is hun moeder gestorven aan aids en is de vader onbekend of neemt hij zijn verantwoordelijkheid niet op. De kinderen komen dan bij familie terecht die deze extra last niet kan dragen. Deze kinderen zijn vaak ziek, soms ook ondervoed wat letsels voor het leven kan veroorzaken.

Eigenlij heeft het Centrum Elikya niet meer dan een voorbeeldfunctie. Het is onmogelijk alle mensen op te vangen die om de één of andere reden verlaten zijn. Hoe zit het dan met de Afrikaanse solidariteit? Waar de armoede langs de deur naar binnenkomt verlaat de liefde het huis langs het venster.

Dit project onderscheidt zich van vele ontwikkelingsprojecten die opereren boven het hoofd van betrokkenen die uiteindelijk uitdraaien op een lucratieve bezigheid voor de initiatiefnemers.

Het Centre Elikya is een project voor en door de plaatselijke bevolking:

De hoop bewaren en de broederlijkheid centraal plaatsen.

Dat wil men heel concreet beleven in het Centre Elikya.

Project “Centre Elikya” – Dorp van de Hoop – in Bondo en Pamoya ?

Door onze proost, pastoor-deken Luc Deschodt, die een persoonlijke vriend is van de bisschop Philippe N’Kière, stichter van het project, leerden we Elikya kennen.

Het sprak ons onmiddellijk aan: een ietwat “eigentijdser” manier van missie, zonder evenwel afbreuk te doen aan de waarde van het missiewerk van onze eigen missionaissen.

We waren dan ook bereid om jaarlijks een financieel duwtje te geven aan het project, met een deel van de inkomsten van het jaarlijks missiefeest en kerstmarkt.

Bernadette Broeckx

Bernadette is afkomstig van Berchem en heeft er samen met haar Congolese vriendin Colette Ituka ( afkomstig uit Kisangani) het Centre Elikya opgestart in 2000.

Het verhaal van het Centre Elikya gaat verder:


In oktober 2010 schreef Bernadette :

De gebouwen van het Centre Elikya zijn hersteld na een windhoos.

Er werden nieuwe mensen opgenomen, anderen gingen terug naar familie en twee mensen zijn gestorven.

Onze dienst voor kinesitherapie was van in het begin een succes. Ook al hebben mensen soms onrealistische verwachtingen, door de geduldige uitleg van onze kinesist, begrijpen ze dat het gewoonlijk een lange weg is. Hij is zelf gehandicapt en draagt zo sterk bij tot een positievere beeldvorming van mensen met een handicap.

Gezien de grote toeloop, hebben we een verpleegster moeten inschakelen: er zijn nu, met Colette, drie mensen bezig in deze dienst.

Caritas/Spanje heeft een project goedgekeurd voor integratie van kinderen en jongeren met epilepsie: 30 kinderen kunnen terug naar school.

We hebben in Kinshasa contact opgenomen met het Ministerie van Onderwijs: een programma bestaat er niet maar we werden wel aangemoedigd om een structuur op te zetten.

We hebben ook een verpleegster in het Centre. Ze is verantwoordelijk voor de medische kant van de epilepsie en de ondervoedde kinderen. Ze gaat een tijd met ons meeleven.